Spelen vanut verbeelding

Spelen is de kunst


Kunst om de Levenskunst

Mens en cultuur

Mens en cultuur zijn zo in elkaar verstrengeld, dat ze moeilijk te ontwarren zijn. Van generatie op generatie zijn gewoonten, tradities, overtuigingen zo vanzelfsprekend geworden dat we niet meer beseffen dat deze cultureel bepaald zijn. We kunnen moeilijk buiten de ons betreden paden gaan. Dankzij het ludieke kunnen we experimenteren binnen een spelwerkelijkheid, vervolgens ballonnetjes oplaten in de werkelijkheid en iets bijdragen aan de samenleving.

Het kwintet van menselijke kerncompetenties

Als we de mens nader beschouwen en zien wat z/hij aan mogelijkheden heeft om zichzelf te ontwikkelen aan de hand van de cultuur, dan zijn dat de zintuiglijke, motorische, sociaal emotionele, cognitieve en creatieve mogelijkheden ofwel competenties. Door deze te ontwikkelen kan z/hij vervolgens een bijdrage leveren aan de cultuur.

De zintuiglijke competenties: waarnemen met oog, oor, neus, huid, tong en 6e zintuig
De motorische competenties: bewegen met het totale lijf, inclusief de stembanden.
De sociaal – emotionele competenties: bewogen worden door innerlijk voelen.
De cognitieve competenties: kennis en inzicht door redenerend denken
De creatieve competenties: kennis en inzicht door het associatieve denken.

De vijf kerncompetenties stonden in de Wet op het basisonderwijs (1985) als integrale doelen voor het onderwijs. De publicatie: Wat heb je vandaag gedaan op school (SLO 1993) vat deze doelen op als: te ontwikkelen competenties. Ik sluit me hierbij aan. Spel/drama/theater biedt wat betreft ontwikkeling aan alle vijf een meerwaarde.

Het kwintet van culturele kernelementen

Cultuur is voortdurend in ontwikkeling dankzij ontdekkingen, ontwikkelingen en migratie. Ze daagt ons uit het vertrouwde bij tijden te buiten te gaan. 

Als we het begrip vorm nader bekijken in relatie tot spel/drama/theater, komen we tot een kwintet van elementen, waarvan de verbeelding de kwintessens is en de andere vier ondersteunt in de spelwerkelijkheid. Dit kwintet ontstond vanuit historisch onderzoek en leidde tot het besef dat het theatervak zodanig te ordenen is.

Dramatische verbeelding: experimenteren vanuit associaties, ideeën;
Dramatisch instrument: ontwikkelen van lichamelijk bewustwording;
Dramatisch samenspel: bewustwording van de impact van actie – reactie;
Dramatische vormgeving: accentueren van vormgevingsaspecten;
Dramatisch inzicht: inzicht verwerven in dramatische wetmatigheden.
Na een elementaire training van deze elementen kunnen jongeren in jeugdtheaterscholen of in de bovenbouw voortgezet onderwijs het totale vak verkennen.

Door de vijf elementen onderscheidend te trainen (bovenmenu), kun je jongeren vaardigheden zich laten eigen maken. Scheiden van de elementen is niet mogelijk, wel kun je de aandacht concentreren op een ervan. Tijdens speltraining, oefenen spelers specifiek een bepaald aspect van een element. Hierna passen ze deze in de spelsituatie toe. In de nabespreking worden zij zich zowel het getrainde bewust als het effect op het totaal door eigen verwoording, reacties uit het publiek of samenvatting van de begeleider.

Dankzij

  • dramatische verbeelding kunnen spelers zich andere werelden voorstellen.
  • het dramatisch instrument, ofwel het lichaam, kunnen zij de eerste spelbeelden schetsen op de vloer.
  • dramatisch samenspel komen ze tot echte ervaringen in een spelwerkelijkheid.
  • dramatische vormgeving: mise-en-scène, spanningsbogen, timing en theatrale vormgevingsmiddelen; wordt de eigen voorstelling overdraagbaar naar publiek. Tot op zekere hoogte leggen ze daarvoor tekst, rolinvulling en samenspel vast.
  • dramatisch inzicht in hetgeen zich in de (spel)werkelijkheid afspeelt, kunnen spelers  betekenis geven aan hetgeen ze waarnamen. Soms blijft het inzicht vaag, soms is het er wel maar kunnen jongeren het niet verwoorden.

Menselijke en culturele mogelijkheden zijn zo in elkaar verstrengeld dat ze nauwelijks te ontwarren zijn. We zeggen vaak: een vis weet niet dat ze in het water zwemt ofwel dat is me met de (cultureel bepaalde) paplepel ingegoten. We weten niet anders, maar worden dagelijke geconfronteerd met vele andere paplepels of ander viswater.  Spel/drama/theater biedt wat betreft ontwikkeling aan beide kwintetten een meerwaarde. We staan in het hiernavolgende stil bij deze verbanden.

De samenhang van de vijf culturele kernelementen en de vijf kerncompetenties van de mens, lees je in: Dramatische verbeelding; Dramatisch instrument; Dramatisch samenspel; Dramatische vormgeving; en Dramatisch inzicht: